hoezo goede voornemens?

bult
-  door peter bügel

 

Peter Bügel - een kleine introductie

Volgens de attributietheorie van de Amerikaanse psycholoog Bernard Weiner beoordelen mensen elkaar op grond van een tweedeling. Deze tweedeling betreft de veronderstelde oorzaken van het gedrag van de te beoordelen persoon. Wanneer twee studenten zakken voor hetzelfde tentamen en de ene er hard voor gestudeerd heeft terwijl de andere vooral bezig geweest is met het in clubverband nuttigen van veel bier, dan kan de eerste op meer sympathie rekenen. De bierdrinker heeft het zakken aan zich zelf te wijten: een interne attributie.

Bij een interne distributie is er sprake van eigen schuld, dikke bult, terwijl bij een externe distributie omstandigheden buiten de invloedssfeer van de mens de oorzaak van de ellende zijn. Wanneer dingen mis gaan op grond van interne attributies hoeft de pechvogel niet op veel medelijden te rekenen. Deze veel voorkomende beoordelingswijze werkt in het nadeel van AIDSlijders en in het voordeel van ouderen, blinden en kankerpatienten.

De discussie over het antidepressiemiddel Prozac wordt ook door deze tweedeling beïnvloed. Onbewust nemen veel mensen aan dat wanneer iemand somber is zonder dat daar duidelijke redenen voor zijn, die persoon te weinig moeite doet om de wereld in het juiste perspectief te zien. Dat zo'n gemakzuchtig type door een pilletje vrolijk zou worden stuit een beetje calvinist tegen de borst. Dat is te gemakkelijk.

Ook ethici laten zich soms sturen door de attributietheorie. Zo werd enige tijd geleden voorgesteld lieden die ziektes kregen als gevolg van een ongezonde levenswandel maar uit de verzekering te gooien. Daar hoefde de gemeenschap immers niet voor op te draaien. In de politiek speelt het stelselmatig attribueren een grote rol. Rechtse politici, als bijvoorbeeld Teeven, werken zoveel mogelijk met interne attributies.

Wanneer iemand veel geld heeft is dat door een grote eigen inspanning verdiend. Wanneer men evenwel van de WAO of bijstand moet rondkomen en werkloos is, is men per definitie een profiteur, die prikkels toegediend moet krijgen, een eufemisme voor een schop onder de kont. Linkse politici, als Bos geloven van nature in externe attributies: armoede heeft vooral structurele oorzaken en is niet verwijtbaar. Theoretisch, of theologisch, nemen de christelijke partijen een ambigu standpunt in.

Dat de mens alle narigheid aan zichzelf te danken heeft, vanwege de omstandigheid dat hij een zondig wezen is, is een ferme interne attributie. Aan de andere kant is de mens onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad en ligt een goede handelwijze dus buiten zijn eigen invloedssfeer en is alle kwaad dat hij doet aan een externe oorzaak toe te schrijven. Dat schiet dus niet erg op en het is geen wonder dat het CDA in deze discussie een verwarrende factor is.

terug naar de startpagina van moors magazine