Vluchthaven Nijmegen...

drijvend huis

 

Mijn vroegste herinneringen zijn niet zo vroeg als ik graag zou willen. Van veel voorvallen uit de vroegste jeugd weet ik niet zeker of ze me verteld zijn of dat ik het me echt herinner. Ik kies daarom een situatie uit de lagere schoolperiode, die ik zo voor me kan zien.

We woonden toentertijd op een woonark in Nijmegen. De ligplaats heette de Vluchthaven, een kleine haven aan de Waal, een drukke scheepvaartroute. Het waterpeil kan daar sterk variŽren, iets waar we van kinds af aan mee vertrouwd waren. Het luisteren naar de waterstanden, door de radio uitgezonden, was een normaal onderdeel van de dag. Bij hoog water stroomde de strekdam over, hetgeen je zag maar ook voelde. De golfslag van de schepen die de Waal kwamen afzakken of stroomopwaarts gingen, veroorzaakte veel deining en werd onvoldoende gebroken door de ondergelopen dam. Als de overlast te groot dreigde te worden verhuisden we naar de wat verder op gelegen Waalhaven.

Het moment van verkassen naar de Waalhaven zat er aan te komen, maar het definitieve moment was onder de gegeven omstandigheden niet precies aan te geven. In de klas was ik gespitst op het geluid van de scheepstoeter, het signaal waarmee mijn vader ons (mijn zusjes en ik) liet weten: we zijn onderweg! Zo kon het gebeuren dat ik in de klas ( de school keek uit over de Waal) de scheepstoeter hoorde en, het raam uitkijkend, ons huis voorbij zag komen over het water. We wisten dat we uit school een andere weg moesten nemen om thuis te komen.

 

Sophia

 


Dit verhaal werd geschreven tijdens de cursus Schrijf je levensverhaal.


terug naar de startpagina van moors magazine