knol...

de boer is dood

 

De boer is dood. Hij was oud, liep stram, maar verzorgde tot het einde toe zijn kleine tuin naast het huis waar hij waarschijnlijk zijn hele leven had bewoond. Het boerderijtje was ook zeer oud

Lang had hij een paard dat net als hij zeer op leeftijd was. De knol, een imposant beest, sjokte op prachtige sokken door het weiland en heette Marian. Een vriendin van mij toog op een dag naar de boer en vroeg of ze het paard mocht tekenen. Met weinig woorden gaf de boer aan dat hij het best vond. Vanaf dat moment was ze een vaste bezoekster. Er groeide een band tussen haar en het paard. Ze kwam regelmatig langs met suikerklontjes en Marian was bereid om te poseren. De boer zelf was daartoe minder bereid. Hij vond het maar onzin, maar onder het genot van een kop thee die haast stilzwijgend werd aangeboden, kon ze dan toch haar schets maken.

Zo ging dat maanden door. De tekeningen werden houtdrukken en gingen van hand tot hand. Marian werd een beroemde knol. En opeens was het gebeurd. Op een zondagmorgen lag ze dood in de wei. De kunstenares nam nog even afscheid, het paard was vereeuwigd en dat was mooi. Of de periode na de dood van zijn metgezel eenzaam is geweest zullen we nooit weten. De boer bleef zijn werk rond zijn oude boerderijtje doen. Maar op een dag gaf ook hij de geest.

Een aantal weken na zijn dood stond er een bord: te koop! Ik kon het niet laten en ging er met mijn fototoestel heen. Het was er stil, de weg lag er verlaten bij. De boer was weg, de knol stond niet meer in de wei. Maar de appelboom had gebloeid en de kleine appeltjes kondigden een rijke oogst aan. De lindeboom geurde en de frambozenstruik droeg vruchten.Zelfs de bessenstruiken waren rijk gevuld. De vogels die op deze ochtend luidkeels hun gezang lieten horen hadden er een kostelijke maaltijd aan.

Het huis stond er verlaten bij. Nooit was ik dichter bij geweest dan het zandpad dat aan de voorkant liep. Altijd had ik deze woning van deze afstand bekeken. Nu kon ik wat dichterbij komen, hoewel ik dit met een zekere schroom deed. Wat was dit mooi, wat een sfeer!  De ramen weerspiegelden mijn beeld. In de kamer stonden de stoelen nog daar waar ze waarschijnlijk al jaren gestaan hadden. De kopjes wachtten tot ze volgeschonken zouden worden voor de enkele bezoekster die niet meer kwam.

De grassen en het onkruid groeiden hoog om het huis, het hout lag weliswaar slordig, maar toch opgestapeld alsof het nog in de kachel gestopt moest worden. De putdeksel had al jaren geleden vervangen moeten worden. Nadat ik het hele huis, de prachtige details, in stilte op de foto had vastgelegd bekroop mij een gevoel van weemoed. Wat ging er met dit prachtige plekje gebeuren? Verbouwen had geen zin, de constructie van dit pand was slecht, de waarde van deze plek was voor een koper groot. Niet huis en tuin, maar grond en plek waren veel waard voor wie het wilde zien. Maar dat was niet wat ik zag. Mij trok juist dit oude, vergane pand met al zijn schoonheid. Dat wilde ik vastleggen.

 

juni 2008
Philippine Lugtigheid

 

.


Dit verhaal werd geschreven tijdens de cursus Schrijf je levensverhaal.


terug naar de startpagina van moors magazine