Maude Maggart zingt muziek van lang geleden. Denk aan de jaren dertig van de vorige eeuw, denk aan componisten als Irving Berlin, die nummers schreef die nog steeds gezongen worden. Klassiekers dus. Gevaarlijk terrein ook, voor een jonge zangeres, want een nummer als Alexander’s Ragtime Band zul je toch echt héél goed moeten brengen om echt indruk te maken. Om maar meteen duidelijk te zijn – Maggart is héél goed. Ze zingt prachtig, loepzuiver en buitengewoon soepel. En daarnaast weet ze de liedjes naar haar hand te zetten met eigen interpretaties die niet op een experimentele manier een liedje onherkenbaar maken, maar die laten horen dat ze weet wat ze zingt. Geen oppervlakkig gecroon, maar overtuigende zang.

Op het eerste gehoor denk je dat Maggart op Maude Maggart Sings Irving Berlin zingt met een flink orkest achter zich. Dat zegt veel over de kwaliteiten van het kwartet dat je hier hoort. Maggart zelf op ukelele, Kenton Youngstrom op gitaar, Dr Jim Sitterly uitbundig en virtuoos op viool en viola en Lenny Meyers op piano. De sfeer van de jaren dertig wordt fraai vastgehouden, maar er wordt ook mooi scherp gespeeld, terwijl een nummer als “What’ll I Do?” prachtig intiem gehouden wordt.

Op de Berlinplaat lijkt ze haar draai volledig gevonden te hebben, hoewel de eerdere cd, With Sweet Despair ook erg goed is, al klinkt deze net een fractie bombastischer. Alhoewel. Bombastisch is in dit geval wel een groot woord. Laten we zeggen dat Maude Maggart Sings Irving Berlin net iets ingetogener en daardoor overtuigender klinkt. Daar dienen we dan ook nog even bij te vermelden dat Maggart af en toe ook behoorlijk los kan gaan als dat nodig is. Verwacht dus geen brave retro.



 

terug naar de startpagina van moors magazine

»