Als je naar Desert Wind van Richard Murray luistert denk je te maken te hebben met een oudere, gelouterde singer/songwriter. Op het hoesje zie je dan tot je verrassing een jonge jongen staan. Dat doet niets af aan de kracht van de muziek die deze gast weet te produceren. Hij heeft om te beginnen een mooie hese stem waarmee hij intensief onder je huid weet te kruipen. Daarnaast speelt hij fantastisch gitaar (zowel akoestisch als elektrisch) en heeft hij een meer dan uitstekende band om zich heen verzameld.

Die band moet in dit geval echt genoemd worden, want er wordt zonder meer fantastisch gespeeld en gezongen. Murray zelf zingt uiteraard al zijn liedjes, maar Mandie Barnett weet sommige van die liedjes met haar tweede stem nog weer mooier te maken. Murray speelt niet alleen gitaar, maar ook mandoline (heel scherp en to the point), mondharmonica en percussie. Dan is er de voortreffelijke ritmesectie – Spencer Brown op bas (zowel elektrisch als staande akoestische bas) en Nic France op drums en percussie. Tenslotte is er John Davis op pedal steel, die aan sommige nummers een countrytintje meegeeft, en de geweldige David Hearn op B3-orgel en piano. Vooral op de piano weet hij verrassende dingen te doen waarbij je echt even overeind gaat zitten. Luister maar eens naar Burning Silver – je zit echt met open mond te luisteren, want in dit nummer is iedereen goed op dreef.

Ondanks de country-accenten van de pedal steel is dit toch vooral een rock en rollend americana-album geworden. Lekker stevig, maar ook met een gelaagdheid die ervoor zorgt dat je niet snel uitgeluisterd bent. Niet te gladjes, lekker fel, en toch met een zekere melancholie. Dat geldt zeker voor de ballades waarbij hij zichzelf vrijwel kaal begeleidt op zijn gitaar, zoals de afsluiter, het zeven minuten durende The Wind And Rain. De cd duurt ruim een uur en verveelt geen seconde.

Richard Murray blijkt overigens dertig te zijn, geboren in Noord Ierland, verhuisd naar Londen, maar hij maakt pure americana. Een absolute aanrader!



 

terug naar de startpagina van moors magazine

»