big low... big low
 

In Big Low vinden we drie muzikanten die we ook al kenden van Parne Gadje. De man waar het in Big Low om draait is de Australische singer/songwriter Dan Tuffy, die vrijwel alle liedjes geschreven heeft. Hij zingt ze zelf ook, verrassend goed overigens, en speelt naast de bas ook elektrische en akoestische gitaren en de banjobas. Michiel Hollanders bespeelt zijn eigen creaties als de velofoon, en de zingende zaag, de dobro en de banjobas. Marc Constandse is hier percussieman en bandoneonist. Samen maken ze muziek die in de verte nog wel aan de muziek van Parne Gadje doet denken, maar die toch in een heel ander spectrum zit.

Tuffy zingt zijn Engelstalige teksten relaxed, soms bijna fluisterend, maar zeer overtuigend, terwijl de arrangementen af en toe doen denken aan de potten- en ketelmuziek van Tom Waits. Niet dat we hier te maken hebben met een soort tweederangs Tom Waits, want daar is Big Low gewoonweg te goed voor. Ze hebben wel degelijk hun eigen geluid, al doen de losse aanpak en de onconventionele arrangementen soms aan Waits aanpak denken. Maar Big Low heeft hier een spannend, gevarieerd en uniek album gemaakt dat staat als een huis. Fantastisch. Oh, en de muziek klinkt over de hele linie heel wat vrolijker dan het wat lugubere hoesje doet vermoeden.

terug naar de startpagina van moors magazine