met een tekening van robert crumb... liedjes van ordelijke ellende
blom, getekend door crumb...

Gert-Jan Blom is onder meer bekend als oprichter en bandleider van het orkest The Beau Hunks, en als artistiek leider van het Metropole Orkest. Op deze solo-cd zingt hij en bespeelt de volgende muziekinstrumenten:

  • tenorgitaar
  • basmondharmonica
  • zingende zaag
  • marimbula
  • baritonukelele
  • cubaanse tres
  • harmonium
  • fonofiddle
  • quatro
  • puinpercussie

De zang werd, omdat Van Iependaal zo vaak de zelfkant en de penoze beschrijft, opgenomen met een microfoon die wordt gebruikt voor de registratie van politieverhoren, de zogenaamde PZM of "pressure zone microphone", rechtstreeks aangesloten op een viersporen cassette recorder.

Willem van Iependaal is een vergeten schrijver die al heel lang niet meer gelezen wordt. Zijn boeken zijn tweedehands nog overal te krijgen, maar ze zijn voor ons bijna onleesbaar geworden. Van Iependaal was een proletarisch schrijver in de jaren dertig van de vorige eeuw, en hij probeerde de sfeer van de zelfkant vast te leggen door veel bargoens te gebruiken. Dat boeventaaltje verzon hij vaak zelf, waardoor het voor ons in deze tijd vaak nauwelijks meer te volgen is. Zelfs zijn bekendste boeken als Polletje Piekhaar en Lord Zeepsop doen daardoor pijnlijk gedateerd aan.

GJ Blom was een fan van het bijzondere taalgebruik van Van Iependaal, met name ook omdat de sfeertekening vaak heel raak is. Hij heeft een aantal van Van Iependaal's gedichten op muziek gezet en er in de uitvoering voor gezorgd dat die sfeer goed geraakt werd. De muziek klinkt alsof hij in een Rotterdamse achterbuurt in de jaren dertig is opgenomen. Het lijkt soms wat op de muziek die Tom Waits in zijn potten- en pannenperiode maakte, en soms zijn het gewoon jazzy bluesjes. De gedichten van Van Iependaal komen door deze aanpak geweldig goed tot hun recht.

Het begint al mooi met De Steeg, waarvan hier de tekst, om een beetje in de sfeer te komen:

De kerels kleven aan de hoek
Van het verpuinde straatje
En rollen, tussen fluim en vloek,
Het zoveelste piraatje

De vrouwen hangen, uitgedord,
Hun kommer en hun wrevel,
En al wat aan hun leven schort,
Reikhalzend uit de gevel.

Het late licht druipt loom en leeg
Door de gebarsten ruiten
En roept, de kleuters van de steeg,
Die binnen zijn, naar buiten...

Naar buiten, waar het huisvuil rot,
In de verzande goten
En waar de jeugd een toegang tot
Een uitweg is gesloten

Blom eindigt dan weer met het eerste couplet, en zo naargeestig als de tekst is, klinkt de muziek ook. De aanpak van Blom is eigenlijk een reactie op de liedjes van Van Iependaal die al eerder door Jaap van der Merwe op muziek waren gezet. Blom vond dat die veel te netjes en braafjes waren uitgevoerd, en besloot het zelf anders te doen, met dit zeer bevredigende resultaat als gevolg.

Het gevolg is bovendien dat je geneigd bent Willem van Iependaal nog weer een kans te geven, want zijn taalgebruik is toch wel heel mooi beeldend.
Overigens is deze cd voorbeeldig uitgebracht, zoals we dat van Basta zo langzaamaan ook wel gewend zijn, met in het boekje niet alleen de teksten, maar ook de ontstaansgeschiedenis en een uitgebreid stuk over Willem van Iependaal. Met liefde gemaakt, en dat kun je aan alles zien en horen.

  • GJ Blom - Liedjes van Ordelijke Ellende - Basta 30-9143-2

terug naar de startpagina van moors magazine