|
|
georges perec |
|
We kregen een mailtje van een lezer (Hans van Ryssen) die graag zijn enthousiasme voor de Franse schrijver Georges Perec met ons wil delen. Om te beginnen stuurde hij de tekst die je hiernaast vindt, maar er zal nog meer volgen. Met een beetje geluk maakt hij jou net zo enthousiast als hij zelf is, en maakt hij je een inspirerende leeservaring rijker. Lees ook mijn eigen bevindingen.
|
De manieren waarop "het leven een gebruiksaanwijzing" kan worden gelezen Sommigen lezen een boek op
het strand, liggend in de volle zon, op de rug of op de buik of op de
linker- of rechterzij. Ik zou het met het leven niet doen. Als ik een boek lees maak ik wel eens aantekeningen. Niet elk boek nodigt me daartoe uit, hooguit twintig procent van de boeken die in mijn boekenkast staan. Maar er staan veel boeken in mijn kast die ik niet heb gelezen en niet lees. En er zijn sommigen die nooit op het idee zouden komen aantekeningen te maken bij een boek dat ze lezen. Als ik in de eerste hoofdstukken van een roman kennis maak met meer dan zes figuranten, begint het potloodje in mijn broekzak te kriebelen. Het is een potloodje met een potloodverlenger, dus de potloodpunt breekt niet af. Grof geschat is het aantal huidige en relevante voormalige bewoners van het wooncomplex aan de rue Simon Crubellier 11, honderd. In de verhalen waartoe deze honderd personen aanleiding geven komen nog weer eens honderd andere personen voor. Soms tuimelt in een diagonaal verhaal een lijk (met een naam) uit de kast, dat een déjà (vue) entendu oproept. Probeer maar eens te achterhalen in welk van de honderd hoofdstukken die naam eerder heeft geklonken. Tenminste als je geen aantekeningen hebt gemaakt. Wie La vie mode d’emploi leest, heeft het recht om kriskras te lezen, een hoofdstuk hier, een dwarsverhaal daar, een opsomming zus, een anecdote zo. Zou Georges dat geprefereerd hebben? Ik onthoud me van een antwoord. Het is gênant om te horen wat er over wat bepaalde Pim's en Theo's zouden hebben gezegd of gevonden, wordt beweerd. Een mozaïek dwingt niet tot een volgorde in waarnemen, het gaat om de Gestalt en de samenstellende delen tegelijk. Een legpuzzel kent geen chronologie. De ene gaat de randen eerst leggen, de andere begint met een hoofdkleur, een herkenbaar object. Het verhaal van Cinoc bijvoorbeeld, sorry, de zeilboot die zo prominent aanwezig is in het aquarel in de haven van Casablanca. Als ik aqua en haven op zo korte afstand van elkaar zie staan stel ik me voor het eerst de vraag: ‘is ook de techniek van afbeelden overwogen gekozen?’. Komen er ook olieverfschilderijen voor in het boek ? Zijn de hoofdstukken gecijferd om de lezer deze keuzemogelijkheden nog eens flink onder de neus te drukken? Zou Perec onder invloed van Battus en de schaalvergroting in de wereld bij leven en welzijn nog een boek met 676 hoofdstukken hebben geschreven, geletterd van aa tot zz ? Of zou hij in dit tijdsgewricht voor 1024 hoofdstukken hebben gekozen, hexadecimaal genummerd? Lees het lineair, lees het
chronologisch met behulp van de kalender in het boek, toponomisch volgens de
plattegrond (hoezo plattegrond, het gaat toch om een etagegebouw, hoe noem
je dat dan?), lees het grabbelton. Lees het 1 keer. Lees het niet helemaal,
herlees het. Ik kreeg het boek Het leven
een gebruiksaanwijzing van mijn dochter die goed had opgelet en een
boekje in mijn boekenkast had aangetroffen. Voor minder dan € 20,- ligt de
Nederlandse vertaling van Georges Perec's La vie, mode d'emploi
te koop in de boekhandel. Koop dat boek of haal het op in de bibliotheek,
neen, lees het, we komen er op terug. Perec Al achtentwintig jaar staat
er een boekje in mijn kast van Georges Perec. Perec citeert Descartes.‘Larvatus prodeo.’ ‘J’ avance masqué’ is de
titel van de eerste roman manqué van Perec.
Chaos? Ik noem er een paar om de fantasie van Perec te illustreren: verhaal van de acrobaat die niet meer van zijn trapeze wilde komen; verhaal van de vier jongelui die in de lift vastzaten; verhaal van de vijf zusters die allemaal succes hadden; verhaal van de zadelmaker uit Szczyrk; verhaal van de zwarte bokser die geen enkele wedstrijd won. Enzovoorts, enzovoorts. Het boek kent ook nog een begrippen- en namenregister met ongeveer drieduizend (!) ingangen over werkelijk de meest uiteenlopende zaken. In één woord: chaos.
Chaos? Dan ken je Perec niet. Perec legt verbanden. Perec is gefascineerd
door verbanden. Gebeurtenissen die op het eerste gezicht niets met elkaar te
maken hebben, worden door Perec — met een af en toe onwaarschijnlijke, maar
nergens onzinnige fantasie—aan elkaar gekoppeld. Perec is een speler, Perec
is een puzzelaar. Een puzzelaar is ook een van zijn hoofdpersonen, om nu
toch maar eens naar de intrige van het boek over te gaan. (grotendeels gebaseerd op een bijdrage van Frans Janssen in het maandblad Wortel-math.) Nog wat fragmenten om de nieuwsgierigheid te prikkelen... Hier een afbeelding die aanvullend is op de 'plattegrond' in het boek. Villa Perec. Over het soort immeuble dat het decor vormt van de aanleidingen voor verhalen valt ook nog wel wat te vertellen. Een appartement, zoals ik hier en daar lees, dekt de lading niet. De prent van Lohse visualiseert mijns inziens de aanpak van Perec, de balanceeract tussen chaos en orde.
Een tipje van ? Neen, een raadsel zonder
oplossing (Hans van Ryssen) |