We ondernemen hier een voorzichtige poging wat overzicht te brengen in het tamelijk chaotische verhaal van Blueberry, dat zich voor de gemiddelde lezer niet bepaald keurig in chronologische volgorde afspeelde. Het begon aardig overzichtelijk. Blueberry begon met een serie van vijf albums die als vertrekpunt Fort Navajo hadden, waar Mike Blueberry als luitenant in het Noordelijke leger (van de Blauwjassen) gelegerd was. Toen volgde het verhaal De man met de zilveren ster, waarin luitenant Blueberry tijdelijk als sherriff vanuit Fort Navajo wordt uitgezonden om een dorp van een bende schurken te verlossen. Een klassiek westernverhaal.

Dan volgt er weer een fraaie serie van vier boeken, die begint met de aanleg van een spoorweg dwars door het continent, waarbij concurrerende spoorwegmaatschappijen door het leger enigszins ingetoomd moeten worden en die eindigt met een moordzuchtige generaal die het vooral op de Indianen voorzien heeft. Na de delen Het IJzeren Paard en De Man met de IJzeren Vuist neemt een andere uitgeverij Blueberry in Nederland over, waardoor de albums ineens een heel ander uiterlijk krijgen. Op zich is dat niet zo bezwaarlijk, maar midden in een verhaal staat het wat raar. Vlakte der Sioux is deel drie, Generaal Geelkop deel vier in deze cyclus.

Dan komen we bij het voorlopige hoogtepunt van de Blueberryserie – de twee boeken over de goudmijn van de niets en niemand ontziende schurk Prosit, die op de volgende tekening in het begin van het verhaal als een parmantig maar onschuldig mannetje gepresenteerd wordt.

prosit

Het gaat hier om een verhaal in twee delen. De Mijn van Prosit en Het Spook van de Goudmijn. Giraud haalt hier echt alles uit de kast om het spannende scenario van Charlier optimaal tot zijn recht te laten komen. We laten hier een losse tekening zien en een halve pagina, zodat je kunt zien hoe de tekenaar speelt met perspectief en met afstand nemen. Dit gaat al wel wat verder dan een doorsnee stripverhaal voor kinderen.

jimmy blaast

Dit is meteen ook het laatste Blueberryverhaal dat we als een min of meer traditioneel Westernverhaal kunnen beschouwen. Hierna wordt het allemaal wat realistischer en wat rauwer, en nog beter getekend…

 

 

 

 

 



 

terug naar de startpagina van moors magazine

»