ruud moors ze aflevering 17
’s Nachts kan ze niet slapen. Ze staat op en loopt naar beneden. Ze besluit het advies van Petra op te volgen en een brief aan haar vader te schrijven. Ze gaat aan de keukentafel zitten met een vel papier en een pen en begint te schrijven.
Beste papa,
Waarom heb je me niet eerder verteld wie ik ben (of moet ik zeggen ‘wat’ ik ben?). Je had me best kunnen vragen om mama niets te vertellen, hoewel ik moet toegeven dat ik dat wel moeilijk gevonden zou hebben. Maar nu heb ik geen gelegenheid gehad om er met je over te praten, er vragen over te stellen, of om bij je uit te huilen, of om je uit te schelden omdat je me als baby niet beter beschermd hebt tegen die nodeloze verminking.
Mijn hele leven lang heb ik niet eens geweten wat me is aangedaan. Ik verkeerde in de illusie dat ik heel was terwijl er feitelijk een stuk van me was weggenomen. Alsof dat stukje identiteit me ontstolen is. En wat moet ik nu met de wetenschap dat ik niet helemaal heel ben?
Verdomme papa, misschien had je me beter niks kunnen laten weten. Wat moet ik nu nog met deze kennis? Het is niet alsof ik er alsnog iets aan kan doen. Het is niet alsof ik er wie dan ook op kan aanspreken. Zelfs als ik zou kunnen achterhalen welke arts me verminkt heeft, wat dan nog? Ook als hij niet dood is ondertussen, dan nog heeft het geen zin die persoon aansprakelijk te stellen voor datgene dat hij mij heeft aangedaan.
Ik voel me kut papa. Ik voel me klote. Ik moet ineens aan dat stomme grapje van je denken als iemand in verwachting was en gevraagd werd: ‘Wat denk je, is het een jongen of een meisje?’. ‘Als er niks tussen komt, dan is het een meisje’, zei jij dan met een grijns. Maar bij mij was er iets tussen gekomen papa. Dus was ik geen meisje. Dat werd ik pas toen datgene wat er tussen was gekomen operatief werd verwijderd.
Toen ik op vrouwen viel dacht ik logischerwijze dat ik lesbisch was. Maar dat klopt eigenlijk niet. Als hermafrodiet kun je helemaal niet lesbisch zijn. Ook niet hetero trouwens. Dus als ik op een man was gevallen dan was dat niet omdat ik hetero was. Dan zou je net zo goed kunnen zeggen dat ik homo was. Ik was het levende bewijs dat het verschil tussen mannen en vrouwen onzin is, papa, en dat bewijs moest worden weggemoffeld.
En ja, ik weet dat het in de jaren vijftig, toen ik werd geboren, gewoonte was om zo’n operatie uit te voeren als iemand als hermafrodiet werd geboren. Maar het is niet normaal om in een baby die gewoon gezond is te gaan snijden. Zonder verdoving nog wel. En degenen die zoiets beslisten werden geacht geleerd te zijn. Omdat ze jaren en jaren gestudeerd hadden. Wat heeft zogenaamde wetenschappelijke kennis voor zin als het tot dat soort gruwelijke onzin leidt? Terwijl het overduidelijk is dat de beslissing om mij te opereren alleen maar gebaseerd was op gevaarlijke vooroordelen.
Het eerste vooroordeel was dat een mens man of vrouw zou moeten zijn. Is dat wetenschappelijk? Kom op zeg. Waarom zou dat moeten? Daar dachten ze niet wezenlijk over na. Ik hoor ze al zeggen dat dat voor mijn bestwil was omdat ik het anders maatschappelijk moeilijk zou krijgen. Maar is dat een reden om iemand diens identiteit te ontnemen? Dan hadden ze net zo goed een middeltje kunnen uitvinden om alle zwarte mensen wit te maken, omdat ze het maatschappelijk moeilijk zouden kunnen krijgen door hun huidskleur.
Waarom zou je mensen operatief veranderen zodat ze aangepast worden aan de vooroordelen die er in de samenleving leven? Is het niet logischer om iets aan die vooroordelen te doen? Er was niets mis met mij, papa. Er was iets mis met mijn medemensen die blijkbaar moeite hadden om mensen zoals ik gewoon te accepteren als volwaardige medemensen.
Maar misschien vind ik het belachelijke vooroordeel dat baby’s geen pijn zouden kunnen voelen en dat je ze daarom zonder verdoving zou mogen opereren nog stompzinniger. Waarom dachten die lui dan dat een baby huilde? Zomaar? Een pasgeboren baby sloegen ze op de billen om het aan het huilen te krijgen. Dachten ze dan dat die baby huilde omdat het plezier ervaarde door die klap? Soms vraag je je af of studeren niet iets wezenlijks kapot maakt in het brein van mensen. Alsof ze daardoor geen gevoel meer hebben voor kennis die voor ieder ander vanzelfsprekend is.
Ik heb uit je brief begrepen papa, dat jou dat ook pijn heeft gedaan. Een andere pijn dan de pijn die ik toen gevoeld moet hebben, maar toch. Ik ben die pijn weer vergeten. Tenminste dat denk ik. Ik ben me in ieder geval niet meer bewust dat ik die pijn ooit gevoeld heb. Jij hebt jouw pijn, en misschien ook wel jouw schaamte, je leven lang met je meegedragen. In die zin ben jij ook slachtoffer. Ik weet daardoor ook niet of ik je kwalijk kan blijven nemen wat mij is aangedaan.
Ik weet eerlijk gezegd ook niet wat ik in jouw plaats, op dat moment in de geschiedenis, onder diezelfde omstandigheden, gedaan zou hebben. Ik weet het oprecht niet. Als ik me in jou probeer te verplaatsen dan begrijp ik wel dat je niet tegen de consensus van de samenleving in die tijd in kon of durfde te gaan. Dat de krachten om de werkelijkheid aan de waarheid aan te passen te groot waren. Ik weet niet of hermafrodieten nog steeds onnodig worden geopereerd, maar we worden nog steeds als abnormaal gezien.
Alsof wat vaker voorkomt normaler is dan wat minder vaak voorkomt. Volgens mij kun je niet abnormaal geboren worden. Het denkbeeld dat mensen moeten voldoen aan het gemiddelde en dat ze anders abnormaal zijn, vind ik abnormaal. Wat gemiddeld is hoeft helemaal niet normaal te zijn. Ik las ergens dat vrouwen gemiddeld 1,7 kind krijgen. Ik ken geen enkele vrouw die 1,7 kind heeft. Ik ken vrouwen die 1 kind hebben, die 2 kinderen hebben en ik ken zelfs een vrouw die er 5 heeft. Ondanks dat geen van die vrouwen aan het gemiddelde voldoet, beschouw ik hen allemaal als normaal. Als ik een vrouw zou ontmoeten die 1,7 kind heeft, dan zou ik dat abnormaal vinden.
Het is normaal dat mensen verschillend zijn. Einstein was weliswaar bijzonder maar niet abnormaal. Datzelfde geldt voor iemand met het downsyndroom, een mens met zes vingers aan iedere hand, een man die op mannen valt, een eeneiige tweeling of iemand met een bijzonder muzikaal talent.
Stel je voor dat een muzikaal talent als ongewenst gezien zou worden. Dan hadden ze Mozart bij zijn geboorte moeten opereren om dat talent bij hem weg te nemen. Dan hadden we keine kleine nachtmusik gehad. Ik weet dat nu heel veel mensen zouden zeggen dat ik appels met peren aan het vergelijken ben, en misschien is dat ook wel zo. Maar ik heb nooit begrepen waarom je geen appels met peren zou mogen vergelijken.
Als je iets met iets anders vergelijkt dan doe je dat om te ontdekken waarin die twee zaken op elkaar lijken en waarin ze van elkaar verschillen. Zo zijn appels en peren allebei eetbaar, groeien ze allebei aan een boom en hebben allebei een klokhuis. Ze verschillen in vorm en structuur. Dus appels en peren zijn wel degelijk met elkaar te vergelijken. Feitelijk zijn er geen twee zaken die niet met elkaar te vergelijken zijn.
Ja papa, ik weet het, ik draaf door. Dat doe ik altijd als ik iets probeer te begrijpen dat ik nauwelijks bevatten kan. Daarin lijk ik op jou papa. Jij hebt je in ieder geval nog afgevraagd of ze me niet gewoon moesten laten zijn wie ik was, inplaats van te denken dat ze me moesten veranderen zodat ik binnen hun vooroordelen paste. En als ik me in jou verplaats, dan begrijp ik dat ook wel. Dat soort krachten zijn zo sterk dat er nauwelijks tegen op te boksen is.
Vechten tegen de bierkaai.
Niet dat vechten tegen de bierkaai zinloos is, ook al wint de bierkaai het vrijwel altijd. Je hebt het geprobeerd papa, maar tegen mama alleen was al nauwelijks op te boksen. Waarom je ooit met die bierkaai in zee bent gegaan, is mij een raadsel. Maar daar klaag ik niet over, al was het maar omdat ik anders nooit was ontstaan. Toch had ik jou een betere partner toegewenst. Iemand met een wat groter hart. Maar ja, ook mama was gewoon wie ze was.
Ik weet nog steeds niet wat ik met de kennis dat ik als hermafrodiet ben geboren moet. Maar misschien doet dat er ook niet zo toe. Ik ben wel blij dat ik het uiteindelijk te weten ben gekomen. Nou ja, blij is niet het goede woord. Ik heb voor die emotie geen goed woord. Je weet dat ik graag inzichten verzamel, dat ik graag wil weten hoe iets echt in elkaar zit. Dat ik nooit zaken zo maar aanneem omdat iedereen dat doet. Dat ik zelf af wil wegen of dingen wel kloppen. En dat ik dat zelfs met mijn eigen overtuigingen doe. Ik ga er nooit vanuit dat wat ik denk daardoor vanzelfsprekend ook zo is. Als ik een naam zou mogen kiezen dan zou ik mezelf ‘Twijfel’ noemen.
De informatie die je me via je brief hebt gegeven, ruim twintig jaar na je dood, zet twijfel aan. Ik dacht een vrouw te zijn die op vrouwen valt. Ik ben een hermafrodiet die op vrouwen valt. Ben ik dan lesbisch? Nee. Ben ik dan hetero? Nee. Ik ben beiden. Ik ben man en vrouw. Dat ben ik, ook al heeft mama dat, met behulp van artsen proberen uit te wissen. Ook een gecastreerde man blijft een man. Dat mijn mannelijke kant gecastreerd is, maakt me niet minder mannelijk.
Ik ben man en vrouw. Dat is uniek, Er zijn niet zoveel mensen zoals ik. Dat ik uniek ben betekent niet dat ik beter ben dan anderen. Of meer. Het betekent ook niet dat ik minder ben dan anderen. Het betekent hooguit dat ik anders ben dan de meeste andere mensen.
Ik ben een verminkte hermafrodiet. Daar zal ik gewoon mee moeten leren leven. Daar is niets meer aan te doen. Maar dat ik van buiten verminkt ben betekent niet dat ik dat ook innerlijk moet zijn. Eigenlijk heb ik altijd geweten dat ik geen vrouwelijke vrouw was, dat er nog een ander wezen in mij zat. Ik had graag eerder geweten dat ik als hermafrodiet ben geboren papa, maar zoals het spreekwoord zegt: beter laat dan nooit. Ik ben blij dat je uiteindelijk toch een manier hebt gevonden om het me te laten weten.
Papa, ik hou van je.
Je unieke kind.
Ruud Moors’ eerdere wekelijkse bijdragen aan dit magazine vind je hier: