ruud moors ze aflevering 25
Petra stemt haar baritonukelele met behulp van een stemapparaatje dat ze bij het stemmechaniek vastgeklemd heeft. Dan slaat ze een akkoord aan. Het geroezemoes verstomt. ‘Dit lied is voor mijn lief’, zegt ze.
- Ik vraag me af of je mij zou willen bezitten
en hoe en waar
en hoe en waar
of ik als een pluisje zo licht aan jou zou mogen blijven klitten
en hoe en waar
en hoe en waar
ik hou ik hou ik hou van jou au
ik hou ik hou ik hou van jou
en als ik jou niet had
dan had ik pech gehad
hej hej, kejje nagaan - Ik vraag me af of je met mij zou willen dansen
en hoe en waar
en hoe en waar
of ik mijn ogen in jou ogen zal zien glanzen
en hoe en waar
en hoe en waar
ik hou ik hou ik hou van jou au
ik hou ik hou ik hou van jou
en als ik jou niet had
dan had ik pech gehad
hej hej, kejje nagaan
Die laatste drie zinnen heeft ze geleend van een hitje van de groep Het uit de jaren zestig. Ze zegt het vaak om duidelijk te maken hoeveel ze van haar lief houdt. ‘Als ik jou niet had, dan had ik pech gehad’. En dan denkt ze er altijd ‘hej hej, kejje nagaan’, achteraan.
Ze legt haar ukelele neer en haar vader heft het glas: ‘Op mijn mooie dochter en haar lief”, zegt hij. ‘Mochten jullie gevreesd hebben dat ik, als dominee, een lange en saaie speech zal gaan houden, dan moet ik jullie teleurstellen’, vervolgt hij nadat iedereen een slok genomen heeft. ‘Ik kan niet voorkomen dat mijn speech saai is, maar lang zal hij niet duren. Ik wens het bruidspaar alle geluk van de wereld toe. Dat ze nog lang en gelukkig mogen leven’. ‘Was dat het?’, vraagt Petra. ‘Dat was het’, beaamt haar vader, en gaat weer zitten.
Vran staat al klaar om de hoofdtaart aan te snijden. ‘We willen geen taart in verdiepingen, maar gewoon een aantal platte taarten en vlaaien’, had ze bij Herman bedongen. Op de grootste taart staat simpelweg ‘Gefeliciteerd met jullie huwelijk’. Die taart snijden ze samen aan. Alle andere taarten en vlaaien zijn al in stukken verdeeld, zodat iedereen zelf toe kan tasten. Vran snijdt de taart in tweeën en vraagt aan Petra: ‘Welke kant wil jij? De kant met Gefeli met jul huw, of de kant met citeerd lie elijk?’. ‘Kies jij maar’, zegt Petra. Vervolgens snijden ze ieder hun eigen helft in kleinere stukjes.
De gasten staan of zitten of lopen wat rond. De tafel waar Petra en Vran zitten wordt door alle gasten, om de beurt, bezocht. Onno komt, samen met zijn vrouw en zoon, als laatste, als alle andere gasten hun felicitaties en cadeaus al hebben gebracht. Haar neef Hans, de zoon van Onno, vraagt met een twinkeling in zijn ogen: ‘Ben je nou mijn oom of mijn tante?’. ‘Ja’, zegt ze. ‘Wat ja?’, vraagt Hans. ‘Ja, ik ben je oom én je tante’, zegt ze. Ze ziet een lichte frons op het gezicht van Onno’s vrouw. ‘Gaaf!’, meent Hans.
‘Hoezo is dat gaaf?’, wil zijn moeder weten. ‘Evelien, mijn vriendin, ging twee maanden geleden naar de gynaecoloog die haar, nadat hij haar had onderzocht, vertelde dat ze intersekse is. Dat was in haar geval niet duidelijk, omdat haar teelballen van de buitenkant niet zichtbaar zijn’. ‘En nu?’, oppert zijn moeder, ‘ nu je dit weet, maak je het uit toch?’.
‘Hoe kom je daar nou bij?’, zegt Hans, ‘ik hou van Evelien!’. ‘Ja, toen je dacht dat ze een vrouw was, maar nu toch zeker niet meer’, meent zijn moeder. ‘Kom op ma’, zegt Hans geïrriteerd. ‘Zeg jij er eens iets van’, richt zijn moeder zich tot Onno. ‘Het is niet aan ons om hierover te beslissen, het is aan Hans. En wat hij ook kiest, dat maakt niets uit in mijn liefde voor hem’, zegt Onno, tot verbazing van Vran. En na een korte pauze voegt hij er ‘of voor Evelien’, aan toe. ‘Bedankt pa’, zegt Hans ontroerd. Zijn moeder staat er uit het lood geslagen bij. Ze ziet er eenzaam uit. Alsof alles waar ze zeker van dacht te zijn bij toverslag verdwenen is. Tot haar eigen verbazing voelt Vran iets van medelijden met de vrouw van haar jongste broer.
Pas dan valt het haar op dat Onno een kist in zijn handen heeft. ‘Ik heb iets voor je’, zegt hij, en overhandigt haar de kist. Als ze de kist opent ziet ze dat al haar moeder’s juwelen in die kist liggen. Ze kijkt Onno vragend aan. ‘Mama heeft ons die juwelen inderdaad gegeven’, zegt Onno, maar niet om te houden, denk ik. Ik denk dat ze ze alleen maar in bewaring heeft gegeven en dat ze uiteindelijk voor jou bedoeld zijn. Dat is tenminste wat Herman zegt en ik denk dat hij gelijk heeft’.
Ze zoekt tussen de juwelen totdat ze een broche gevonden heeft. Die speldt ze op. Dan doet ze de kist weer dicht en geeft hem terug aan Onno. ‘Deze broche heeft mama ooit van papa gekregen toen ik klein was. Toen ik die broche zag was ik jaloers en zei dat ik die broche wilde hebben. ‘Nee’, zei papa, ‘die is voor mama. Het is een unieke broche die ik speciaal voor haar heb laten maken’. Toen begon ik te huilen en zei: ‘Ik wil ook zo’n broche’. ‘Dat kan niet’, zei papa, ‘er is er maar één van’. Mama heeft me toen beloofd dat ik die broche zou krijgen als zij hem niet meer nodig had. Dus die broche is voor mij. De rest van de juwelen mag je, wat mij betreft, aan je dochter geven. Dan is de kans het grootste dat die juwelen in de familie blijven, als zij kinderen krijgt tenminste’.
‘Ik dacht dat jij alle juwelen wilde hebben toen je me belde om te vragen waar ze gebleven waren’, bekent Onno met enige gêne. ‘Nee, ik wilde alleen maar weten wat er met die juwelen was gebeurd, en ik wilde de broche die mama mij beloofd had’. ‘Maar die is helemaal niet zoveel waard’, zegt Onno’s vrouw verbaasd. ‘Voor mij wel’, zegt ze, ‘voor mij wel’.
‘Sorry’, zegt Onno, ‘ik ben soms een enorme hork. Sorry van die juwelen en sorry dat ik je niet wilde geloven toen je me vertelde dat je een hermafrodiet bent’. ‘Intersekse pa’, zegt Hans. ‘Sorry, intersekse bedoel ik’. ‘Dat is het mooiste cadeau dat ik vandaag ontvangen heb’, zegt Vran. ‘Wat?’, vraagt Onno verbaasd. ‘Het feit dat je je excuses aanbiedt, Onno, dat is het grootste cadeau dat je me kon geven’.
Als het feest is afgelopen en de ergste troep is opgeruimd, kruipen Petra en Vran in hun gezamenlijke bed. ‘Dat was een mooie dag’, zegt Vran tevreden. ‘De mooiste dag van je leven?’, oppert Petra. ‘Nee’, zegt Vran, ‘dat niet’.
‘Wat was dan de mooiste dag van je leven?’, wil Petra weten.
‘Dat was de dag dat ik jou voor het eerst ontmoette. Toen kwam ik thuis’, zegt Vran zacht.
‘Dat is voor mij ook zo’, beaamt Petra.
Dan bedrijven ze de liefde.
Langzaam en intens.
Als slakken.
Ruud Moors’ eerdere wekelijkse bijdragen aan dit magazine vind je hier: