voorkant van the new yorker, 20 september 1976

saul steinberg's stillevens

Met de stillevens van Saul Steinberg is iets bijzonders aan de hand. Zelf licht hij een tipje van de sluier op in 1982, in een catalogus bij de tentoonstelling "still life and architecture" in de Pace Gallery in New York.

Het gaat om de vier stillevens die je hiernaast ziet. Het zijn vier tekeningen die eerder onder het kopje "still-lifes" in the New Yorker stonden, zonder het buitengewoon verhelderende commentaar dat er in de catalogus onder kwam te staan.
De stillevens worden onderverdeeld in vier categorieŽn, of in vier "klassen".

Het eersteklas stilleven is gewoon het klassieke stilleven zoals we dat uit honderden schilderijen kennen. Fruit, een vaas met bloemen en een muziekinstrument.

Bij het tweedeklas stilleven zien we verpakkingen. Blikjes, potten, een fles, een melkpak, een boek en een langspeelplaat.
Waarbij het al een mooiie eye-opener is om een boek en een plaat als verpakking te zien.

Op het derdeklas stilleven zien we "artifacts". Het Nederlandse woord "kunstproduct" geeft niet precies aan wat het is, maar de tekening maakt het heel duidelijk.

Het vierdeklas stilleven laat kunstenaarsmaterialen zien, dat wil zeggen de gereedschappen waarmee de kunstenaar werkt.

Als je met deze "handleiding" Steinberg's stillevens gaat bekijken blijken ze vrijwel allemaal elementen uit alle vier de klassen te bevatten. Kijk maar eens naar het stilleven hier recht boven, dat van vier jaar eerder stamt.

Je zou kunnen zeggen dat Steinberg het genre "stilleven" heeft opengebroken en opgerekt, waardoor het een behoorlijk stuk interessanter is geworden.

 
 

 

 

klasse 1 - stilleven

klasse 2 - verpakkingen

klasse 3 - artifacts

klasse 4 - kunstenaarsbenodigdheden

terug naar de startpagina van moors magazine