Ik moet eerlijk bekennen dat ik Big Daddy Wilson niet kende totdat ik hem tegenkwam bij Hans Theessink, die samen met deze Amerikaanse bluesman een geweldig duo-album opnam. De twee hebben duidelijk een klik, ze zijn bijna soulmates, in hun manier van zingen, in de sfeer die ze overbrengen, en de ontspannen aanpak. Dat duo-album maakte nieuwgiering naar Big Daddy Wilson, en ik werd op mijn wenken bediend, want even later kwam diens nieuwe album uit, Hard Time Blues.

Wilson speelt geen puristische blues, maar mengt op een relaxte manier blues en roots, soul, gospel, R&B en een beetje country, een beetje zoals iemand als Eric Bibb dat ook deed. Hard Time Blues gaat twaalf liedjes lang over de ellende van corona, armoede, ongelijkheid en alles wat deze tijden zo zwaar maakt – een goed recept voor de blues dus. Big Daddy Wilson is een laatbloeier, maar wel een die je goed in de gaten moet houden, want hij is bijzonder goed en flexibel. Luister maar eens naar de verschillende fragmenten die ik je laat horen. Een aanrader!

Luister hier naar een paar fragmenten:

3. Hard Time Blues     
4. Poor Black Children     
5. Meatballs